Sleepboten STEENBANK en TONIJN naar Maassluis!

||| |||

Begin oktober 2016 is bekend geworden dat de pogingen om de STEENBANK en de TONIJN naar Maassluis Sleepboothaven te halen, succes gaan opleveren. Er moeten nog wel een aantal hobbels worden genomen, maar het ziet er totnogtoe goed uit. Binnen enkele weken hopen we de schepen te mogen verwelkomen. Om deze slepers in goede originele staat te brengen en (onder)houden zullen een aantal vrijwilligers nodig zijn. Dus mocht u belangstelling hebben, meldt u zich dan aan bij de Stichting Sleepboothaven Maassluis.

Via de WOS meldt de Stichting Sleepboothaven Maassluis het volgende:

Naast de reeds aanwezige vloot van zeven museale schepen zal de Maassluise sleepboothaven binnenkort worden uitgebreid met twee nieuwe sleepboten.

Middels bemiddeling van de Stichting Maritiem Erfgoed Maassluis is de voormalige Europoortsleper Steenbank (1960) van de slopershamer gered en zal deze vanuit Haarlem naar Maassluis worden gevaren. De Steenbank was samen met zusterschip Schouwenbank en de Europa en Azie van P. Smit Jr. de eerste Europoort sleepboot die speciaal voor de Europoort gebouwd zijn teneinde de grote schepen die daar verwacht werden te kunnen assisteren.

Met een lengte van 30 meter en een geïnstalleerd vermogen van 1250 PK waren deze fraai gelijnde schepen een welkome aanvulling op de vloot kleinere havenslepers die voornamelijk voor de stadshavens opereerden. Later gingen de sleepboten van Smit die in het Europoortgebied opereerden een samenwerking aan in een nieuwe werkmaatschappij: de Nieuwe Rotterdamse Sleepdienst (NRS).

Tot voor kort was de Steenbank, die de Rotterdamse haven in 1980 verliet, in dienst van de Belgische marine maar is eind 2015 afgestoten. Het schip zal worden terug gebracht in de NRS huisstijl en onderdeel gaan uitmaken van de Stichting Sleepboothaven Maassluis. Volg de ontwikkelingen rond de Steenbank via de Facebookpagina van de sleper.

Naast de Steenbank komt naar verwachting nog een oude bekende terug naar haar geboorteplaats en wel de sleepboot Tonijn, een kustsleper die in 1958 als bouwnummer 105 door scheepswerf De Haas aan W.A. van den Tak’s bergingsbedrijf werd opgeleverd. Deze sleepboot heeft een lengte van 21 meter en heeft de laatste jaren als Eerland 28 in het Rotterdamse havengebied gewerkt. Kenmerkend voor het scheepje is bovendien de enorme bergingspomp die in het vaartuig is geïnstalleerd. Bij talloze bergingsklussen heeft de Tonijn in haar bijna 60-jarige carrière geassisteerd, niet in de laatste plaats in 2004, bij het zinken van de zeesleper Elbe. In Maassluis zal de Tonijn als zij daadwerkelijk naar Maassluis komt weer worden teruggebracht in haar originele staat zoals zij scheepswerf De Haas in 1958 verliet.

De lokale omroep WOS maakte een nieuwsitem en sprak met initiatiefnemer Luuk Vroombout.

Door de aanvulling van deze twee bekende nog varende schepen heeft Maassluis een unieke collectie schepen in huis die allen een relatie hebben met het roemrijke verleden van Maassluis als Sleepboothaven. De Steenbank is als haven- en kustsleepboot van een formaat dat in Maassluis nog niet aanwezig is en laat zien hoe de schaalvergroting in de jaren zestig in de Rotterdamse haven vorm kreeg.

Meer dan tweehonderd vrijwilligers zijn in Maassluis actief teneinde het varend erfgoed van de stad niet alleen te bewaren maar ook te laten varen.

Vlootlijst Sleepboothaven Maassluis

Stoomzeesleepboot Furie 1916

Bergingsvaartuig Bruinvisch 1937
Zeesleepboot Hudson 1939
Havensleepboot Maassluis 1946
Sleepboot Delta 1946
Havensleepboot Krimpen 1954
Zeesleepboot Elbe 1959
Haven- kustsleepboot Tonijn 1958
Haven- kustsleepboot Steenbank 1960

1960, 6 december: STEENBANK opgeleverd

1960, 15 december: STEENBANK In dienst bij L. Smit & Co’s Internationale Sleepdienst Maatschappij N.V., Rotterdam.
1961, 31 mei: STEENBANK Overgedragen aan Nieuwe Rotterdamse Sleepdienst N.V. Rotterdam.
1972, 10 april: ASTROLOOG Overgedragen aan Smit Internationale Havensleepdiensten B.V. Rotterdam.
1980, april: A 950 VALKE Overgedragen aan de Koninklijke Marine, Brussel, België.
2016 4 maart 2016 de A950 VALCKE is uit Zeebrugge vertrokken ze is verkocht aan Treffers uit Haarlem, Nederland. De A950 VALCKE heeft 36 jaar dienst gedaan bij de Belgische Marine.

Volg de ontwikkelingen rond de Steenbank via de Facebookpagina van de sleper.

Bekijk hier de film over het interview met initiatiefnemer Luuk Vroombout uit Maassluis: https://youtu.be/fB48umRFgPU

De STEENBANK, nadere bijzonderheden:

De haven/kustsleepboot STEENBANK werd in 1960 met werfnummer 560 gebouwd door hofleverancier "N.V. Scheepswerven v/h H.H. Bodewes" te Millingen aan de Rijn. De kiel werd gelegd op 2 juni 1960. De tewaterlating vond plaats op 16 november van dat jaar. Haar zusterschip was de SCHOUWENBANK (I). Beide schepen waren tezamen met de AZIE en de EUROPA van P. Smit Jr. de eerste 4 Europoortsleepboten.

Zij mat bij indienststelling 183 BRT. Haar afmetingen zijn: lengte 30,38m (28,00m), breedte 7,55m, diepgang 2,99m en holte 3,81 meter.

nrs vlagHaar voortstuwingssysteem bestaat uit een enkele vaste schroef in een straalbuis, diesel-electrisch aangedreven door twee 4-takt 8-cylinder K.H.Deutz dieselmotoren (nr.2599726/33 +2599718/25), type BA.8M.528, die gezamenlijk een vermogen voortbrengen van 1.240 apk (912 kW) bij 750 rpm, goed voor een snelheid vrijvarend van 11 mijl en een trekkracht van 13 ton bollard pull.

smit international b v logo primaryOp 16 december 1960 werd zij door de werf afgeleverd aan opdrachtgever "L. Smit & Co's Internationale Sleepdienst Maatschappij N.V." te Rotterdam. Zij voer onder Nederlandse vlag en werd geregistreerd te Rotterdam met brandmerk 10810 Z Rott 1960 (IVR 2710810). Haar roepnaam werd PHSF. Omstreeks 1967 kreeg zij IMO nummer 5339743, gebaseerd op haar toenmalige nummer in Lloyd's Register, LR66-67:533974.

Zij verrichtte vele jaren sleepdiensten in het Europoortgebied. Zij lag aanvankelijk op station in de Berghaven te Hoek van Holland, en later met een groeiend aantal collega's in de Scheurhaven op de landtong Rozenburg.

Op 31 mei 1961 werd de STEENBANK in charter gegeven aan de nieuw opgerichte "NRS - Nieuwe Rotterdamse Sleepdienst" te Rotterdam.

Op 10 juli 1972 werd haar nieuwe naam ASTROLOOG en werd zij door "Smit Internationale Havensleepdiensten B.V." te Rotterdam ingezet in het Botlekgebied. Haar roepnaam werd PCVO.

SteenbankIn april 1980 werd zij voor 25 miljoen Belgische Francs (ca. 700.000 euro) verkocht aan de "Belgische Zeemacht" (Marine) te Oostende en herdoopt in C/LT VALCKE met marinenummer (pennant) A 950. Zij werd onder Belgische vlag gebracht en geregistreerd te Oostende.

Op 27 februari 1985 raakte het schip beschadigd bij een aanvaring ter hoogte van Zeebrugge (België) met de Britse ferryboot EUROPEAN ENTERPRISE.

In 1994 werd zij tijdelijk opgelegd, om vervolgens in 1996 na een opknapbeurt weer in dienst te worden gesteld.

In 2015 werd de VALCKE van de sterkte afgevoerd en voor de sloop verkocht aan Treffers te Haarlem. Daar ligt het schip sindsdien nog steeds.

Begin oktober 2016 is bekend geworden dat de Stichting Sleepboothaven Maassluis tezamen met enkele Maassluise ondernemers plannen heeft de boot als varend museumschip naar deze plaats te halen, alwaar zij haar oude naam STEENBANK en oorspronkelijke uitmonstering weer terug zou krijgen.

bron: The Tugslist / Piet van Damme & Smit 150

bijgewerkt tot 1 oktober 2016Pict. Fotoboek Belg. Zeemacht p.93 +142

Dieselelektrische voortstuwing in de sleepvaart

L. Smit & Co heeft een aantal havensleepboten in de 50-er jaren, waaronder de zusterschepen Steenbank en Schouwenbank, laten voorzien van dieselelektrische voortstuwing. Dat verlaagde het brandstofverbruik en verminderde de uitstoot van CO2. In het diesel-electrische voortstuwingsconcept wordt de schroef niet direct verbonden met de dieselmotor, maar door middel van een tussengeplaatste electro generator aan een elektromotor met toerenregeling.

Een andere aanleiding hiertoe was het schroefrendement beinvloedbaar te maken. Sleepboten varen normaliter op dieselmotoren die rechtstreeks via de schroefas aan de schroef zijn verbonden. De motoren zijn ingesteld op een maximaal vermogen. Als een schroef eenmaal is ontworpen en de dieselmotor is gekozen, valt het schroefrendement niet meer te beïnvloeden. De elektromotor zorgt voor een beïnvloedbaar en verbeterd schroefrendement. De Steenbank is met een dergelijke dieselelektrische voortstuwing uitgerust. Door de schroef niet direct te koppelen aan de dieselmotor en zijn specifieke vermogenskarakteristiek, maar aan een elektromotor met toerenregeling, bleek het schroefrendement wel te beïnvloeden én te verbeteren.

bron: Gerard Fransen, Nationaal Sleepvaart Museum

Steenbank I als Valcke 3260Het eerste schip dat was uitgerust met dieselelektrische voortstuwing, was de Russische tanker Vandal uit 1903. Deze was voorzien van drie schroeven en voer op de Volga en de Kaspische Zee. Hiermee werd het probleem opgelost dat in die tijd motoren die direct de schroefas aandreven, hun draairichting niet konden omkeren. Aangezien de gebruikte gelijkstroommotoren 100% koppel hadden vanaf nul omwentelingen, werd dit concept al gauw gebruikt voor locomotieven.

Toen er omkeerbare dieselmotoren werden ontwikkeld, werd dieselelektrische voortstuwing minder populair. Maar onder meer doordat het maximale koppel over het hele toerenbereik beschikbaar was, werd het al gauw toegepast op sleepboten. Er werden hiervoor gelijkstroommotoren gebruikt, vaak in combinatie met een Ward-Leonardschakeling. Ook voor ijsbrekers was dit ideaal. Voor andere scheepstypes bood het ook voordelen, zodat er na verloop van tijd ook passagiersschepen, onderzeeboten, onderzoeksvaartuigen, kabelleggers en schepen in de offshore mee werden uitgerust.

De benodigde vermogens werden steeds groter en het gebruik van gelijkstroom zorgde ervoor dat de machines te groot werden. Door de ontwikkelingen in de vermogenselektronica werd het mogelijk om gebruik te maken van draaistroommotoren. Sindsdien is het aantal schepen dat is uitgerust met dieselelektrisch voortstuwing enorm toegenomen. De trendsetter voor cruiseschepen was de Queen Elizabeth 2, waarvan in 1986 de stoomturbines werden verwijderd, om plaats te maken voor negen MAN dieselmotoren.

Vrijwel alle cruiseschepen zijn tegenwoordig dieselelektrisch - vaak in combinatie met azimuth thrusters - evenals shuttletankers, half-afzinkbare schepen, amfibische transportschepen en boorschepen. Vrijwel alle schepen die zijn uitgerust met dynamic positioning zijn ten minste deels dieselelektrisch.

Om de frequentie van de wisselstroom die van de generator afkomt direct of indirect om te vormen naar een frequentie die geschikt is om de schroef mee aan te drijven, worden meerdere systemen gebruikt:

* De cycloconverter

* De synchroconverter

Voordelen:

* Flexibiliteit in plaatsing dieselmotor (niet gebonden aan schroefas)

* Geen keerkoppeling nodig
* Constant groot koppel
* Mogelijkheid tot zeer langzaam draaien
* Bij deelbelasting kan een generator afgeschakeld worden, waardoor de resterende generatoren in het vermogensgebied komen met het hoogste rendement
* Betere manoeuvreereigenschappen

Nadelen:

* Hoge kosten bij nieuwbouw

* Ingewikkelder constructie met elektronica
* Hoger brandstofverbruik bij volle belasting dan een langzaamlopende tweetakt dieselmotor

bron: Wikipedia

 

Tonijn   TOU-0331Bergingssleepboot TONIJN, nadere bijzonderheden:

De bergingssleepboot TONIJN werd in 1958 met werfnummer 105 gebouwd door "Scheepsbouwwerf en Machinefabriek H. de Haas - Zorg en Vlijt" te Maassluis. De tewaterlating vond plaats op 6 september 1958. Het was de eerste sleepboot met die naam van de rederij.

Zij mat bij indienststelling 61 BRT. Haar afmetingen zijn: lengte 21,75m, breedte 5,60m, diepgang 2,30m en holte 2,50 meter.

Haar voortstuwingssysteem bestaat uit een enkele vaste schroef, aangedreven door een 4-takt 4-cylinder Industrie dieselmotor (nr.4208), type 4D7, die een vermogen ontwikkelt van 330 apk (243 kW) bij 410 rpm., goed voor een snelheid vrijvarend van 9 mijl en een trekkracht van 4,5 ton bollard pull.

Op 27 november 1958 werd de TONIJN door de werf aan de opdrachtgever "W.A. van den Tak's Bergingsbedrijf N.V." te Rotterdam opgeleverd.

Zij werd geregistreerd te Rotterdam met brandmerk 10355 Z Rott 1958 (IVR 2710355) en roepnaam PIAU. Zij voer onder Nederlandse vlag.

Op 16 april 1971 ging de rederij samen met het bergingsbedrijf van Smit Internationale onder de naam "Smit-Tak Internationaal Bergingsbedrijf N.V." te Rotterdam.

Op 25 augustus 1972 werd de boot overgedaan aan een andere Smit dochter, "Bergings- en Transportbedrijf J. Van den Akker" te Vlissingen. Zij kreeg de naam DEURLOO en werd geregistreerd te Vlissingen met roepnaam PDPN.

In 1979 werd zij verbouwd. Er kwam een nieuw stuurhuis en zij werd uitgerust als duwboot.

Op 16 juli 1981 ging zij naar Smit dochter "Sleepdienst & Transportonderneming Gerrit J. Eerland LCM Zn." te Rotterdam, en werd herdoopt in EERLAND 28. Zij werd weer geregistreerd te Rotterdam met roepnaam PDWE.

Op 1 juli 1988 werd zij teruggetrokken uit de zeedienst.

Op 15 mei 2002 werd zij overgenomen door "Smit Transport Europe B.V." te Rotterdam. Zij werd geregistreerd te Rotterdam met brandmerk 26363 B R 2003 (IVR 2326363) en roepnaam PDWE.

In 2011 werd de EERLAND 28 uit de actieve dienst teruggetrokken en ter beschikking gesteld aan het Haven Museum Leuvehaven te Rotterdam.

Op 5 april 2013 werd zij eigendom van "Boskalis Offshore Marine Services B.V." te Papendrecht.

Rond begin oktober 2016 was er sprake van dat de EERLAND 28 naar de Sleepboothaven Maassluis zou komen.

 

 

 

bron: The Tugslist / Piet van Damme
bijgewerkt tot 1 oktober 2016
pic. S&D 153 p.193 +S&D 183 p.217 (bot) +S&D 185 p.360

Deze bergingssleepboot uit Maassluis heeft het wereldrecord grootste zeetransport in Europa op haar naam staan. Naast de namen 'Tonijn', 'Deurloo' en 'Eerland 28', ook wel bekend als het 'schaap met de vijf poten'. Dit schip kan namelijk alles.

De Eerland 28 is een sleper die kan slepen, duwen, pompen, bergen en assisteren bij allerhande klussen op het water. Een waardevolle kracht op zee, havens en rivieren. De sleepboot biedt plaats voor vier man: een kapitein, een machinist, een matroos voor wanneer er binnengaats werk wordt gedaan en een extra verplichte matroos voor als het ruime sop wordt gekozen. De Eerland 28 is echt een krachtpatser in de Rotterdamse haven.

De EERLAND 28/TONIJN heeft een eigen website: http://www.eerlandweb.nl/34/Over_Eerland.html